Manuele therapie en meer bij Fysio & manuele therapie Ron Sanches in Zaandam

Met een breed scala aan behandelingsmogelijkheden is er altijd wel een therapie om de klachten in uw bewegingsapparaat te helpen verminderen en te voorkomen.

Bel en maak een afspraak!

Fysiotherapie

Klachten aan het bewegingsapparaat oftewel klachten aan spieren, banden, gewrichten en zenuwen, kunnen worden behandeld met fysiotherapie. Door verschillende behandelingen en/of oefeningen kan pijn verminderen en kan het lichaam beter functioneren. Soms helpen ook bepaalde ondersteunende middelen, zoals tape, om klachten te verminderen. 

Tijdens een eerste afspraak wordt door onderzoek en het stellen van vragen een zo volledig mogelijk beeld van de klachten gevormd. Vervolgens wordt in overleg met u een behandelplan opgesteld. Dit behandelplan betreft maatwerk want ieder mens is anders, iedere klacht is anders en ieder lichaam reageert anders. Het aantal behandelingen is afhankelijk van de klacht en de ernst ervan. Naast het behandelen van klachten wordt veel aandacht besteed aan het voorkomen dat klachten terugkeren. Een behandeling duurt gemiddeld een halfuur.

Manuele therapie

Een manueel therapeut is een fysiotherapeut die na zijn opleiding voor fysiotherapie een opleiding voor manuele therapie heeft gevolgd.

Manuele therapie wordt toegepast bij bepaalde functiestoornissen van gewrichten, spieren en/of van zenuwen. Vaak geeft dit bewegingsbeperkingen die samengaan met zowel pijn als met het slechter kunnen bewegen. Meestal met houdingsproblemen als gevolg. Manuele therapie kan helpen de gewrichten beter te bewegen waardoor ook de houding verbetert. Hiervoor worden een aantal specifieke technieken toegepast. De effecten zijn vaak een directe verbetering van de bewegingsvrijheid en een afname van pijn. Als een gewricht slecht kan bewegen, of als bewegen ervan pijnlijk is, kan manuele therapie een oplossing zijn. Dit kan bijvoorbeeld bij:

  • Hoofd- en nekpijn in combinatie met het slecht kunnen bewegen van de wervelkolom;

  • Nek- en schouderklachten met uitstraling naar de armen;

  • Lage rugklachten, al dan niet met uitstraling naar de benen;

  • Hoge rugklachten, al dan niet in combinatie met rib- en borstpijn;

  • Duizeligheid bij het bewegen van de nek;

  • Kaakklachten, al dan niet in combinatie met nekklachten;

  • Heupklachten.

Na een screening bestaat de eerste afspraak uit twee onderdelen: het stellen van vragen over het ontstaan van de klachten en wanneer ze toenemen of verminderen en een lichamelijk onderzoek, waarbij de houding en bewegingen worden bekeken en de gewrichten worden onderzocht. Zo wordt vastgesteld waar de oorzaak van de klachten vandaan komt. Samen wordt besloten of manuele therapie zinvol is.
De techniek waarvan bij manuele therapie gebruik wordt gemaakt is die van de mobilisatie, aangevuld met manipulatie. Bij mobilisatie gaat het om een repeterende beweging, vaak in de richting die het minst goed kan bewegen. Bij een manipulatie wordt na het bereiken van de eindstand in de mobilisatie nog een korte impulsbeweging gedaan, die de cliënt niet tegen kan houden. Meestal treedt er een knappend geluid op en geeft het kortstondig een vreemd, maar niet pijnlijk gevoel.

KISS-syndroom (HCFS)

KISS staat voor de afkorting Kopgewrichten Invloed bij Stoornissen in de Symmetrie. Baby’s met dit syndroom zouden last hebben van een storing in hun eerste nekwervels. De gedachte is dat baby’s weinig bewegingsvrijheid in hun nek hebben door een foute stand van deze wervels, wat veel pijn geeft bij het bewegen. Daardoor huilt een baby met KISS veel en is hij/zij vaak ontroostbaar. Aan KISS worden veel mogelijke symptomen toegeschreven, zoals:

  • Een hoofdje dat scheef en naar één kant gedraaid staat;

  • Asymmetrie van de schedel, soms met een kale plek op het achterhoofd;

  • Een afgeplatte schedel;

  • Een overstrekte lighouding;

  • Een duidelijke voorkeurshouding;

  • Steeds naar dezelfde zij draaien

  • Niet kruipen, maar willen billenschuiven;

  • Vroeg gaan staan, al vanaf 7 maanden;

  • Onrustig en prikkelbaar zijn;

  • Veel en lang huilen;

  • Reflux

  • Zwakke slikreflex;

  • Problemen met de ontlasting;

  • Protest bij aankleden of knuffelen;

  • Vertraagde spraakontwikkeling.

Als een baby één of meerdere van deze symptomen heeft, hoeft dat niet op het KISS-syndroom te duiden. Het is altijd belangrijk om naar de huisarts te gaan want er kunnen tal van redenen zijn waarom jouw kindje deze aspecifieke symptomen vertoont.

Behandeling

Het KISS-syndroom kan worden behandeld door een manueel therapeut, waarbij 'hoe vroeger hoe beter' het uitgangspunt is. Er worden zachte mobiliserende technieken, die gericht zijn op de bovenste wervels van het nekje, toegepast. Vaak geven drie tot vier behandelingen al resultaat en veel ouders geven aan dat ze na de behandelingen een ander kind teruggekregen hebben. 

Toch is voorzichtigheid geboden, want er bestaat geen wetenschappelijk bewijs voor dit syndroom en deze behandelingen zijn ook niet voldoende wetenschappelijk onderzocht. Hierdoor zijn kortdurende behandelingen op zijn plaats.

Rug- en nekpijnpreventie

Nek- en schouderpijn zijn vaak simpel te verklaren. In de meeste gevallen komt dit namelijk door ongetrainde spiergroepen en door overbelasting, door bijvoorbeeld lange tijd in dezelfde houding te zitten. Ook spelen psychische factoren vaak een rol, zoals het werken onder veel druk en spanning.

Nekpijn – Wat zijn de meest voorkomende symptomen?

Nekpijn straalt vaak uit naar de schouders of bovenarmen. Pijn aan de bovenkant van de nek leidt vaak tot hoofdpijn of symptomen van duizeligheid of zelfs een beperkte beweeglijkheid.

Preventie

De beste manier om nek- en schouderpijn te voorkomen, is met regelmaat oefeningen te doen die de spieren versterken. Zit u de hele dag achter een computer, leer uzelf dan aan om regelmatig te bewegen. Loop of fiets naar uw werk, neem de trap, ga een wandeling maken in de pauze en stel op uw computer een time-out-moment in. Daarnaast is het verstandig uw persoonlijke oorzaken van spanning (stress, conflicten enz.) te herkennen en na te gaan welke rol deze spelen en wat u kunt doen om deze te verminderen.

Oefeningen ter preventie van lage rugklachten

De rode draad in de preventieve houdingen is om een licht holle onderrugstand te handhaven!

Tijdens zitten letten op:

  • Rugleuning ongeveer 30 graden naar achteren;

  • Lendesteun in de onderrug moet voelbaar zijn;

  • Ontspannen zitten = toegeven aan de achteroverleunende houding;

  • Voeten maken contact met de grond of voetensteun;

  • Na 20 minuten een minuutje bewegen/lopen (deze manier van zitten is ook goed bij nekklachten).

Opstaan uit de stoel/bank:

  • Eerst met de zitbotten naar de rand van de stoel schuiven;

  • Voeten vlak voor de stoel plaatsen;

  • Opstaan vanuit de benen (dus niet vanuit de rug).

Licht bukken: (bijvoorbeeld een dienblad op een salontafel neerzetten):

  • Voeten 30 cm uit elkaar;

  • Knieën licht gebogen houden;

  • Breng de navel naar de tafel (= handhaving holle onderrug) waardoor de romp vanzelf volgt.

Diep bukken bij tillen zwaar voorwerp (bijvoorbeeld krat optillen):

  • Voeten 30 cm uit elkaar;

  • Knieën buigen en navel naar het krat brengen (zo blijft de onderrug licht hol).

Iets van de grond rapen (bijvoorbeeld een stuk speelgoed):

  • Neem met een hand steun aan een meubelstuk of balanceer los;

  • Zwaai een been naar achteren waardoor de onderrug hol blijft;

  • Raap met andere hand het voorwerp op.

Laag bij de grond werken (bijvoorbeeld plinten schilderen):

  • Zit op de knieën;

  • Steun op een hand;

  • Werk met de andere hand.

  • Als je twee werkende handen nodig hebt, trek dan een knie op een leun met de romp hiertegen.

Oefeningen ter preventie van nekklachten

De rode draad in de preventie is het vermijden van een diepe knik in de ondernek.

Lopen/staan:

  • Borstbeen 3 cm naar schuin omhoog brengen;

  • Schouder ontspannen houden (dus niet naar achteren of omhoog brengen).

Aan tafel lezen/eten:

  • Naar voren neigen met je romp zodat het hoofd boven de tafel komt;

  • Tijdens eten/lezen niet het hoofd laten hangen maar naar achter schuiven ( à la Michael Jackson).